Samen in gesprek
over geweld

Jeugdzorg Nederland organiseert dialoogsessies waarin jongeren, ouders, professionals en bestuurders samen praten over geweld. Verslag van een sessie. “Geen goede plek is ook geweld.”

Gespreksleider:

“Heb je vandaag iets leuks meegemaakt”, vraagt gespreksleider Anica Schilperoord bij de start van de dialoogsessie bij Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond.

Linda ‘doet vechtscheidingen’. Ze is blij want een bezoekregeling ging goed vandaag. Collega Gwen hoorde een rechter een vader helder uitleggen hoe zijn gedrag de kinderen beschadigt. De vijftienjarige Sheyla, ‘al zeven jaar in de jeugdzorg’ vertelt opgetogen dat ze een bijbaantje bij Dunkin Donuts heeft.


Schilperoord licht kort de aanleiding van deze dialoogsessie toe, de bevindingen van de commissie - De Winter: geweld in de jeugdzorg komt voor. Vroeger was het vaak fysiek, tegenwoordig ervaren jongeren vooral psychisch geweld en is geweld tussen jongeren onderling toegenomen.


Herkenbaar, knikken de jongeren. Rosanne zat in een gesloten instelling. Conflicten ontstaan vaak door de strenge regels daar: “Die geven veel gedoe.”

Jongere:

Sheyla: “Soms werd ik gewoon aangestaard door een groepsleider totdat ik zou exploderen. Later bleek dat dit onderdeel van de behandeling was. Dat voelt als geweld.”

Jeugdbeschermer:

“Soms kijken begeleiders wat er gebeurt als ze een jongere uitdagen. Dat hoort bij de behandeling. Wordt dat jullie verteld”, wil jeugdbeschermer Karin weten.

Jongere:

“Soms, bij de evaluatie. Je bent twaalf en zit in de jeugdzorg. En dan is dit de behandeling?”

Jeugdbeschermer:

“Hoe voelt dat voor jou?”

Jongere:

“Machteloos. Ik kan niets, alleen schreeuwen.”

Ouder:

Cheb is voorzitter van de cliëntenraad en alleenstaande vader van vier zonen in de jeugdzorg. Zijn jongste was twaalf toen die naar een instelling ging. “Daar liet hij zich slaan door oudere groepsgenoten om hulp te krijgen van begeleiders. Dat was heftig.”

Jongere:

Denzel heeft een tegenovergestelde ervaring. Na twee jaar zwerven kwam hij op zijn dertiende terecht op een leefgroep. Daar werd hij juist beschérmd door oudere groepsgenoten. “Het pakte positief uit. Ik was gelukkig in de jeugdzorg omdat ik vertrouwen kreeg van de begeleider. Ik wilde wel bij mijn moeder zijn, maar had meer aan mijn begeleiders omdat ik verder wilde in het leven.”

Gespreksleider:

De gespreksleider vraagt aan de jeugdbeschermers wat ze doen als hun pupillen in een instelling geweld ervaren.

Jeugdbeschermer:

Karen heeft een pupil die in een gesloten instelling verblijft omdat elders wachtlijsten zijn. “Hij wordt gepest. We kijken hoe we hem kunnen helpen. Dagelijks krijgt hij een gesprek met zijn mentor, maar het is moeilijk.”

Ouder:

Ook een moeder wil haar ervaringen delen. Drie kinderen heeft ze, allemaal uit huis geplaatst omdat het daar onveilig was. “Jeugdbeschermers hebben een grote machtspositie. Ik wilde een klacht indienen, maar dan mocht ik mijn kinderen niet meer zien. Dat is geweld. En iedere keer kreeg ik een andere medewerker. Twaalf medewerkers in zeven jaar tijd! De laatste wees me op de cliëntenraad waar ik mijn verhaal kon doen.”

Jeugdbeschermer:

Jeugdbeschermer Gwen legt uit dat jeugdbeschermers soms schuiven vanwege werkdruk of omdat de samenwerking niet loopt. “Soms gaan collega’s te lang door in een gezin. Wij maken geregeld agressie mee van ouders. Je vindt dat je het op moet lossen. Je wil het kind niet wéér in de steek laten. Je wordt verrot gescholden of bedreigd, maar gaat tóch door.”

Jongere:

“Dat vind ik niet ok. Maar jullie doen het ook. Best vaak wordt er gedreigd: ‘Nog één keer en anders ga je naar gesloten’. Dat vinden wij ook niet fijn”, zegt Sheyla.

Ouders, kinderen, professionals. Iedereen heeft in meer of mindere mate geweld gekend. Open met elkaar in gesprek gaan daarover voelt onwennig. Het is aftasten, maar over en weer is er respect en begrip.

Jeugdbeschermer:

“Kinderen zoeken grenzen op”, zegt Judith tegen Sheyla. “Maar een kind moet nooit bang hoeven zijn waar die gaat slapen. Er moet altijd een veilige plek zijn. We beseffen vaak onvoldoende wat het voor een kind betekent om overgeplaatst te worden of te horen dat er wéér geen plek is. Geen goede plek is ook een vorm van geweld.”

Ouder:

“Het gaat echt beter dan twintig jaar terug”, vindt Cheb. “Ik heb jeugdzorgwerkers gehad die om mijn gezin zijn gaan geven. Ik voelde passie bij hen. Als verwachtingen niet uitkomen, kun je als ouder boos worden. Dat ben ik vaak geweest. Maar als je een band hebt, is dat minder erg. Dan stel je je allebei kwetsbaar op en dat maakt het gelijkwaardiger.”

De namen van de aanwezigen zijn om reden van privacy gefingeerd.

  • Jeugdzorg Nederland organiseert dialoogsessies onder leiding van een onafhankelijke en ervaren dialoogbegeleider.
  • Het idee erachter is om blijvend en niet vrijblijvend te spreken over wat jongeren en hun professionals als geweld ervaren.
  • Het idee van de dialoogsessies ontstond na zeven gesprekken die afgelopen jaar met cliënten, professionals en bestuurders zijn gevoerd over het voorkomen van geweld in de jeugdzorg en te leren hoe het beter kan.
  • Alle deelnemers waren enthousiast over de gesprekken, die in een open sfeer en met respect voor elkaar plaatsvonden. Ze wilden graag een vervolg.
  • Binnen de jeugdzorgorganisaties worden straks professionals opgeleid om zelf dialoogsessies te begeleiden.